Moeder – Deel III

Share with:

FacebookTwitter


…of hoe mijn jeugd met moeder verliep…

Het bleef echter niet bij kleine akkefietjes.  Beetje bij beetje nam het grotere proporties aan.  Uiteindelijke bedoeling was steeds van me van de rest te isoleren zodat niemand ter verdediging van dit persoontje zou kunnen optreden.  De keren dat de snelbinder hopeloos vast werd gedraaid in het achterwiel van mijn fiets zijn ontelbaar.  Of ik nu de tijd wou nemen het ding los te krijgen òf te voet met de fiets aan de hand en het achterwiel opgelicht naar huis ging maakte niet uit.  De bende van vier hadden afgesproken met enkele jongens om na school even wat pret te maken.  Een duw, een por, aan de haren sleuren, in een hoek dringen… het hoorde er gewoon bij.  Het kwartier te voet naar huis was dikwijls de langste wandeling ooit.

Fietspomp ontvreemd en fietsbanden plat, fietsketting eraf gegooid tot simpelweg fiets weg, het begon deel uit te maken van een bijna dagelijks stramien.  Na verloop van tijd was een dag zonder gepest een ware verademing.  Ik was warempel blij als een van de bende van vier ziek gemeld werd.  Hoe langer de ziekte duurde, hoe blijer ik werd.  En al helemaal als het de aanvoerster van de bende van vier betrof.
Ach, als kind kan je al deze dingen minder in perceptie plaatsen en lijken ze onoverkomelijke problemen.  Thuis bleef ik het probleem doodzwijgen.  Moeder zou het enkel maar bagatelliseren.  Of erger: ze zou me waarschijnlijk nooit geloven.  En als, als ze me dan toch zou geloven, wat dan? Stel dat ze naar school zouden stappen.  Dat zou het allemaal nog erger maken.

Naarmate ik ouder werd, werd moeder er niet zachter op.  Integendeel.  En de pesterijen werden er ook niet minder op.  Ik toonde me hard, vertikte het ook maar één traan te laten waar de bende van vier bij was.  Maar diep van binnen werd er steeds weer een klein stukje van me afgebroken.

Eén keer werd het me echt te veel.  Tijdens het sportuurtje ergens net na Nieuwjaar hadden de vier het lumineuze idee opgevat om een potje kopspelden leeg te gooien binnen in mijn jeans.  De jeans werd netjes opgevouwen en terug op de stoel gelegd.  Ik kon al vermoeden dat er wat aan de hand was door het gegniffel en voelde hun ogen in mijn rug branden.  Op het ogenblik dat ik mijn jeans aantrok en een groot deel naalden in mijn benen en billen voelde krassen weerklonk een luid gelach achter me.  Op dat moment sloegen de stoppen bij me door en zonder nadenken trok ik de jeans weer uit om me achter de aanvoerster aan te schieten.  Als een haas schoot ze er vandoor, naar buiten toe.  In de sneeuw.  Het kon me echter niet deren en in ondergoed en blootsvoets liep ik achter haar aan naar buiten.  Zo hard ik kon rende ik tot ik dicht genoeg was om haar bij de haren te grijpen en tegen de vlakte te trekken.  “Bitch fight” in de sneeuw, een pak haren in mijn hand.  Ik weet niet wat ik toen allemaal gedaan heb maar achteraf hoorde ik dat het er niet netjes uit zag van op afstand.  De andere drie hadden ondertussen snel alle kopspelden verwijderd en ik stond zonder bewijs, uitgezonderd van de bloedende krassen op mijn benen.  Gevolg: ik werd gestraft, de aanvoerster niet.

*wordt vervolgd

Share with:

FacebookTwitter


 

Leave a Reply

Your email address will not be published.

You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>