nieuwjaarswensen

Nieuwjaarszoenen

Nieuwjaarszoenen

Ik houd van de eindejaarsfestiviteiten.  De lichtjes in de straten, de klingelende belletjes in kerstmuziek, ik laat me dit alles met plezier welgevallen.  Het aftelmoment van Oud naar Nieuw laat steevast een ik-voel-me-goed-moment in me opborrelen.
De daaropvolgende dagen ontspint zich echter iets wat ik als een vorm van milde horror ervaar: de Nieuwjaarszoenen.

Het hoort dat je iedereen het allerbeste voor het Nieuwe jaar wenst.  En dat wens je letterlijk: “Beste wensen”.  Of anders wat? Welke wensen? Wat houden die “beste” wensen in? Moet elk invullen wat die wil?
Ik wijk af…
De wensen gaan in België steevast gepaard met drie zoenen.  Laat het nou net die drie zoenen zijn waar ik in de meeste gevallen koude rillingen van krijg.  De familiezoenen neem je er gewoon bij.  Maar die Nieuwjaarszoenen op de werkvloer… Als ik die kan ontwijken zal ik dat ook doen.
Uiteraard zijn er altijd uitzonderingen.  Die van de beste vriendin-collega of van de leuke beste-homo-vriend-medewerker ontvang ik met plezier.
En dan heb je ook nog die van de vlotte-knappe-bijna-veertiger met getaande huid, zalige glimlach en donkerbruine ogen die wanneer hij naast je staat steeds zachtjes zijn hand over je rug laat gaan om ze in je taille te leggen en je even lachend dichter naar zich toe te trekken.  Die, die mag wel 10 keer per dag het beste wensen en liefst ook elke dag van januari.  Wat zeg ik? Het ganse jaar door potjandorie!
Maar dan zijn er andere….

Gewoonlijk zou je verwachten dat iemand gewoon de arm strekt, je de hand reikt en heel beleefd drie zachtklinkende zoenen in de lucht naast jouw wang “neerpoot”.  Dàt zou nog normaal en accepteerbaar zijn op de werkvloer.  Dat is echter een werkvloer in Utopia.

Om te beginnen is er de kleine, onverzorgd overkomende afdelingsleider.   Al wanneer hij naar jou komt toe gekwakkeld slik je even onopvallend je afgrijzen weg als je ziet hoe zijn blote tonnetjesbuik inclusief grijs buikhaar vanonder zijn veel te korte T-shirt komt blubberen.  Vol enthousiasme steekt hij beide armen naar je uit, grijpt je hand, trekt je dichterbij en knalt hij de eerste van drie luid klinkende zoenen naast je oor neer.  Zijn klamme gezicht kleeft bijna tegen het jouwe en  het scheelt niet veel of je voelt een tong in je oor draaien.  “Snel snel nummer twee en drie” is het enige wat door je hoofd schiet terwijl je je adem inhoudt en je ogen stijf dicht knijpt.  Als die derde dan neergepoot is slaak je in alle stilte een zucht van verlichting en maak je je klaar voor de volgende aanval.

Die van de uitrollende collega.  Zijn Nieuwjaarszoenen zijn altijd zo…verpletterend.
Met de ene hand neemt hij je bovenarm vast terwijl hij zijn andere arm om je schouders heen legt en je zo dicht tegen zich aan trekt dat je neus willens nillens begraven wordt in het eeuwige flanellen ruitjeshemd.  Je kan maar amper ademhalen als hij zich over je heen buigt om met volle lippen rechts, links, rechts de zoenen op je wangen te planten. Als je dacht dat het daarmee voorbij was, vergeet het.  Hij blijft je gewoon in die houding vasthouden terwijl hij mondeling alle mogelijke wensen voor je uit: veel geluk, een goede gezondheid, winnen met de lotto en noem maar op.  Schaapachtig lach je even en probeer je op zijn minst een beetje achterover te buigen om een minimale afstand te verkrijgen tussen jouw gezicht en het zijne.  Je bent blij als de volgende vrouw in zijn gezichtsveld opduikt zodat hij zijn focus naar haar verlegt en jou los laat.  Niet zo fair, maar wanneer het op overleven aankomt is het elk voor zichzelf.

Vervolgens moet je nog de vrouwelijke collega met gebrek aan mondhygiëne confronteren.  ’t Is een superlieve meid. Echt waar.  Maar je mag echt niet te kort bij haar komen.  Doe je dat toch, dan is het kiezen tussen adem inhouden of vergaan.  De drie-zoenen-tijdspanne is gelukkig maar kort.  Tijdens het gezelligheidsbabbeltje achteraf doe je gewoon een stapje of twee achteruit en je bent er door.  Het enige wat je dan nog rest is trachten niet te veel naar de mond te kijken wanneer ze breeduit lacht tijdens haar verhalen over hoe ze Kerst en Oudejaarsavond heeft doorgebracht met een nieuwe vlam.

Het grappige van de zaak is dat er die dagen mensen langskomen die je anders zelden of nooit ziet.  Maar die dag zijn ze er als de kippen bij.  Of anders reiken ze je steeds de hand maar net die ene dag: zoenen moet.

Het makkelijkste deel in dit zoenenverhaal? Het Islamietenvolkje.  Geen van hen die je tracht te overdonderen met al dat gezoen.  Gewoon een ferme handdruk en een uiting van veel geluk en alles wat je hartje beheert met de linkerhand op het hart.  Eenvoudig, hartig en welgemeend.

We hebben de beproeving weeral overleefd. We kunnen de komende 366 dagen opnieuw rustig ademhalen.  Die paar enkelingen die de volgende dagen nog moeten komen zijn nu een piece of cake.  Want nu zijn we voorbereid, getraind en geïmmuniseerd.

Ik wens jullie allen een gezond en gelukkig Nieuwjaar en geef ieder van jullie drie Nieuwjaarszoenen, naast de wang in de lucht.